De wervelkolom bestaat uit stukjes bot, de wervels. Tussen twee wervels ligt steeds een tussenwervelschijf. Deze functioneert als een soort schokbreker en geeft de wervelkolom bovendien beperkte bewegingsmogelijkheden. Een tussenwervelschijf bestaat uit een stevige buitenring en een geleiachtig kern in het midden. Bij een hernia ontstaat een scheurtje in de buitenste ring en de kern puilt naar buiten. Daardoor raken de zenuwen die in die omgeving liggen bekneld. Een grote hernia kan tot een verlamming of zelfs een dwarslaesie (door beschadiging van het ruggenmerg) leiden. De hond kan onwillekeurig urine of ontlasting verliezen. Dit is een noodgeval: de hond moet onmiddellijk geopereerd worden! Hoewel soms het woord "teckelverlamming" gebruikt wordt, lijden beslist niet alleen teckels aan een hernia! Bij katten komt een hernia niet zo vaak voor.
De hond heeft pijn: hij beweegt zich niet graag, maakt een stijve indruk, wil niet aangeraakt worden en loopt met een kromme rug. Soms is de pijn zo heftig, dat de hond schreeuwt als hij geaaid word of zelfs bijt. De spieren zijn verspannen.
Het is belangrijk dat uw hond een paar weken weinig beweegt: trappen lopen, wilde spelletjes en lange wandelingen moeten achterwege blijven. Na enige tijd is zwemmen goed voor de rug, ook de spieren worden hierdoor sterker. Mocht de hond te dik zijn, is het belangrijk dat hij afvalt. Ook fysiotherapie kan goed helpen. Een hernia in het achterste deel van de rug kan met de Chinese kruidenformule Backmotion worden behandeld. Voor hernia's in het nekgedeelte wordt de Frontmotion formule gebruikt. Het is belangrijk, hiertussen te onderscheiden! Laat de juiste diagnose door uw dierenarts stellen, d.m.v. röntgen, CT-scan of MRI-scan.